Tuintips van Velt Wichelen
tuintips van Velt wichelen

Tips voor de moestuin

Teelt van doperwten

tuintips van Velt wichelen
Doperwten

Familie van de Vlinderbloemigen.

">tuintips van Velt wichelen: doperwt
Kennismaking:

De vlinderbloemigen familie is een zeer omvangrijke familie. Compleet onmogelijk om deze in het kort voor te stellen. Vandaar dat we één lid uit de familie voorstellen : de doperwt. Ze zijn een bron van eiwitten en hebben een gunstige invloed op de bodemvruchtbaarheid.
Een bron van voedingsstoffen per 100 gram vers product : 10 gram koolhydraten; 5 gram eiwit.
Een bron van mineralen: 20 mg calcium; en een beetje ijzer: 2 mg.
Een bron van vitaminen: 0,40 mg caroteen; 0,17 mg B1 en 0,16 mg B2 en 50 mg vitamine C.

Tips:
  • De rondzadige (of ook wel gladde soorten genoemd) kunnen redelijk goed tegen koude weersomstandigheden. Vandaar dat ze vrij vroeg kunnen worden uitgeplant.
    • Tijdstip uitplant : vanaf einde februari buiten, indien de grond het toelaat (en onder glas) tot april.
    • Soorten : er zijn lage rassen waarvan de hoogte ligt tussen 60 en 120 cm:
      • Eminent (oud klassiek ras ) wordt 40 - 70 cm hoog
      • Meikoningin (100 cm) ; vroeg
      • Express (90 tot 100 cm) ; vroeg
      • Mandvuller (70 cm) ; laat
    • Er zijn de hoge rassen, waarvan de hoogte schommelt tussen 120 en 200 cm:
      • Mechelse krombek (150 cm) ; vroeg
      • Vroege Mei of Prins Albert (120 cm) ; vroeg
      • Witte krombek (120 cm) ; zeer vroeg
  • De kreukzadige of gerimpelde zaden: deze bevatten meer suikers en zijn zoeter dan hun rondzadige soortgenoten. Ze kunnen veel minder goed tegen de koude en worden ook later uitgeplant. Hier vinden wij ook de oudste rassen terug.
    • Tijdstip uitplant: vanaf begin april tot begin mei. Niet later !
    • Soorten: lage rassen:
      • Kelvedon Wonder (50 - 70 cm) ; vroeg, begin april
      • Wonder van Amerika (50 cm) ; vroeg, begin april
      • Polis (80 - 90 cm) ; vroeg, begin april
    • hoge rassen:
      • Senator (120 cm) ; vroeg
      • Vada (120 - 150 cm) ; middenvroeg, half april
  • Bemesting: vragen geen extra bemesting, hebben aan de compost van vorig seizoen genoeg. Wel is fosfor als voedingsbestanddeel erg nuttig : het stimuleert de bloemzetting, de wortelontwikkeling en de afrijping van de vruchten. Deze meststof is terug te vinden in natuurfosfaat (beenderen) en in kleine mate in compost
  • Standplaats: komen op een niet bemest perceel, waar volgend seizoen de bladgewassen opkomen. Deze zullen dankbaar zijn voor de extra stikstofgift die ze aangeboden krijgen. Erwten hebben de goede eigenschap dat ze stikstof uit de lucht kunnen vastleggen door de stikstofknobbeltjes aan hun wortels.
  • Plantdiepte: varieert tussen de 2 cm (zware gronden) tot een 5 tal cm (zandgronden).
  • Plantafstanden: 60 cm tussen lage rassen en tot 80 cm tussen hogere rassen. Zowel lage als hoge rassen plant je best aan een draad, zodat ze zich goed kunnen steunen en zich vastgrijpen. Men trekt een geultje en legt om de 4 tot 5 cm een zaadje. Afdekken, licht aandrukken en broezen met de gieter.
  • Voorzaaien is ook een mogelijkheid, maar vraagt wat extra werk.
  • Aanaarden is best nodig, willen ze niet worden neergehaald bij hevige winden. Hun wortelgestel is eerder zwak te noemen.
  • Licht is een factor en ze staan graag op een noord-zuid as. Minder schaduw zorgt voor betere groei, snellere opdroging na regenbui en minder kans op schimmelaantasting.
  • Vruchtafwisseling is een absolute noodzaak en daarom komen zij ook pas ten vroegste om de 4 tot 6 jaar terug op dezelfde plaats.
En erwtensoep met spekstukjes en een korstje brood… hemels !!
Jos Van Hoecke
Voor geregistreerde leden zijn deze tuintip en nog vele andere, altijd beschikbaar op de ledenpagina"s.

Alle informatie om lid te worden vindt u hier.

Leden van Velt Wichelen kunnen hier klikken om zich te registreren of aan te melden.